Cijferfetisjisme 

In plaats van zich te bezinnen op de keuze voor een studie en bijbehorende studentenstad, besloot clublid Daniel van Laake na zijn eindexamen vorig jaar om zich een jaar lang volledig te wijden aan de roeisport. Niet zonder resultaat, want inmiddels zit Daniel bij de laatste twaalf roeiers voor de selectie van de nationale junioren Holland Acht, die op 7-11 augustus in Litouwen zal strijden om het wereldkampioenschap. Daniel was graag bereid om een interview te geven voor deze site.

Je hebt wel eens laten vallen dat je in je beginjaren (Daniel is sinds 1-6-2005 lid van Thyro) altijd achteraan kwam in de skiff. En dan toch het besluit om een jaar lang te gaan voor het maximale in de roeisport. Kun je daar iets meer over zeggen?

Daniel na afloop van het NK Indoor, december 2012, waarin hij won in de categorie jongens t/m 18

Toen ik net roeide gingen we altijd met een hele armada aan skiffjes naar de sluis en terug, inclusief de coaches. Dan lag ik inderdaad altijd achteraan en dat vond ik verschrikkelijk. Maar ik ben nooit iemand geweest die snel wisselt van dingen of die zich snel uitspreekt over zaken die hij niet leuk vindt. Ik logeer nu wel eens bij jongens die tegen hun moeder zeggen, waar iedereen bij is: ‘Dit is niet lekker.’  Dat zal ik nooit doen, ik zeg gewoon niet direct wat ik denk. Daarom ben ik denk ik doorgegaan. 

Op een gegeven moment ben ik gaan dubbeltweeën met Jurjen. Toen werd het echt leuk en kwamen we vooruit. We wonnen wedstrijden en van het een kwam het ander. Zo zijn we het wedstrijdcircuit binnengerold.

 

 


Was achteraan liggen niet juist een motivatie om te denken: ik wil beter worden?

Dat weet ik niet per se. Ik vond het wel geweldig leuk dat ik altijd het hardste ging op de ergometer. Totdat Jurjen kwam, toen waren we allebei de beste, hoewel andere jongens een paar jaar ouder waren. 

"Ik denk niet dat ik bij een club als Willem III, met een professionele coach, verder zou zijn gekomen"

Ik ben wel altijd iemand geweest die wordt gemotiveerd door vooruitgang en goede resultaten, met alles eigenlijk. Als junior kun je ieder jaar nog 10 tot 20 seconden vooruit gaan op de ergometer. Verbazend genoeg heb ik dit jaar weer 20 seconden eraf gehaald en zit nu in de buurt van de 6 minuten. Ik houd alles bij: al mijn vooruitgang, al mijn tijden. Ernst (Voortman, Daniels coach) noemt mij altijd een cijferfetisjist. 

Ik ben wel bang dat, wanneer ik niet meer vooruit kom, ik het ook direct een stuk minder leuk vind. Eenmaal senior komt er op een gegeven moment komt een punt dat je niet meer zo vooruit komt.

Maar ik kan ook erg genieten van roeien op glad water met een zonnetje. Wedstrijdroeien is gewoon afzien, daar word je alleen maar moe van. Het enige moment waarop je geniet is als je klaar bent en weet wat de uitslag is. 

Het is gebruikelijk dat roeiers op jouw niveau zich laten bijstaan door een professionele coach. Jij doet het in feite zonder. Hoe komt dat zo en hoe werkt het door, volgens jou?

Eigenlijk ben ik door een perfecte samenloop van omstandigheden in het wedstrijdroeien terechtgekomen. Bijvoorbeeld hoe ik met Jurjen samen ben gaan roeien, hoe Ernst er op het goede moment als rechterhand van Arthur (van Opstall, voormalig jeugdcoach) bij is gekomen en het kon overnemen van Arthur toen die wegging.

"Ernst is geen drilsergeant en dat past goed bij mij"

Ernst heeft ons in het begin gecoacht zoals hij dat van Arthur had geleerd. Jurjen en ik deden het best goed voor onze leeftijd, we wonnen veel en op een gegeven moment heb ik me in de kijker gespeeld in de skiff op de Tromp Boatraces in Hilversum. Toen werd ik gevraagd voor een 4 en kwamen we in aanraking met andere roeiers en coaches, die mij en Ernst techniek leerden. Op die manier hebben wij steeds samen stappen gezet. Ook nu weer met coaches van TOR uit Tilburg en Willem III uit Amsterdam, waar Ernst en ik allebei enorm veel van opsteken.

Na de NK Skiff, waarin Daniel derde werd

Ernst is geen drilsergeant en dat past goed bij mij. Door mijn obsessie met cijfers, heb ik goed in mijn hoofd wat ik wil doen en waar ik aan wil werken. Ernst laat me daarin mijn eigen plan volgen. Mijn eigen ambitie heeft me gebracht waar ik nu ben, maar zonder Ernst was ik niet zover gekomen. Als je, zoals ik, in je eentje traint is het fijn dat er iemand bij is. Het voorkomt dat je inzakt.

Grotere verenigingen hebben inderdaad vaak goede coaches en de meeste talenten komen daar ook vandaan. Ik heb me weleens afgevraagd of ik verder zou zijn gekomen als ik bij een grote club als Willem III had gezeten, waar ze een heel intensief programma hebben met goede coaches en heel goed materiaal. Maar ik denk niet dat ik dan beter zou zijn geweest. Er wordt daar allemaal erg strak op schema en in een groep getraind, terwijl ik juist een uitgesproken individualist ben. Ik kan heel goed aanvoelen wanneer ik teveel belasting heb gehad en een training rustiger aan moet doen.

Naar deel 2 van het interview

Copyright 2011 Interview Daniel van Laake. Ir. E.L.C. Schiff sr. Straat 300 7547 RD Enschede Tel: 053-4328826. Deze website is gerealiseerd door de Thyro webcie webmaster@thyro.nl . Alle rechten voorbehouden.
Free Joomla Theme by Hostgator